"Ik durf niet!" schreeuwt een zesjarig meisje in een driekwart bontjasje, bovenaan de brede trap bij busstation Dukenburg. "Ik durf niet!" huilt ze.
"Kom maar," roept een vrouw.
"Kom, kom nu!" De vrouw loopt met gehaaste stappen steeds verder van haar weg, naar het plein met de wachtende bussen.
Het meisje lijkt bevroren en staart omlaag. De vier stoere mannen die op de bovenste tree zitten, keuvelen zonder op of om te kijken.
"Ik durref nie-iet...!"
"Kom nu maar," schreeuwt de vrouw die inmiddels bijna bij de bushalte is. Het -ik durf niet- rolt harder en wanhopiger over de brede hoge trap.
Het kind staat stokstijf.
Inmiddels ben ik bovenaan de trap gekomen en pak het meisje vast. Ik keer haar zwijgend een kwartslag om en duw haar dan richting een dubbele trapleuning. "Pak de onderste maar."
Dan loop ik door naar het winkelcentrum. Het is stil achter mij.
In mijn hoofd gonst het begeleidingsgesprek nog na waar ik net vandaan kom.
Ik voel mij met dit meisje verwant.
zondag 12 oktober 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten